Stek je kamerplanten regelmatig om ervan te blijven genieten

Naarmate je planten ouder beginnen te worden, zullen deze steeds minder hard groeien. Dit is een goed moment om te starten met het stekken van de plant. Zodra de moederplant niet langer groeit, kun je deze vervangen voor een kleine stek. Zo blijf je genieten van de verschillende planten in huis! Planten stekken hoeft helemaal niet moeilijk te zijn. Er zijn diverse methodes die je kunt hanteren, waarbij de meest geschikte methode afhankelijk is van de kamerplant die je stekt. In dit artikel zetten we de opties voor je op een rijtje! 

#1: afsteken van een stuk moederplant 

Je kunt een relatief jonge moederplant afsteken. Dit betekent feitelijk dat je de plant uit de aarde haalt en splitst in twee of drie nieuwe planten. Houd er rekening mee dat dit de levensduur van de plant niet per definitie verlengt. Je ontwikkelt immers geen nieuwe plant, maar knipt de bestaande moederplant op in de hoop dat een van de stekken nog lang blijft groeien. Het afsteken van een stuk moederplant is vooral interessant, wanneer de plant te groot wordt of wanneer je deze ook op andere plekken in huis wilt gebruiken. Je hoeft zo geen nieuwe plant te kopen. 

#2: jonge scheuten bij een plant weghalen 

Wanneer de pot van een plant breed genoeg is, kunnen er jonge scheuten rond de moederplant groeien. Deze scheuten blijven via de wortels verbonden met hun moeder, zodat ze zich kunnen ontwikkelen tot een volwaardige stek. Een van de bekendste planten die deze jonge scheuten ontwikkelt is de pannenkoekenplant. Snijd de scheuten los van de moederplant, als ze tenminste drie of vier bladeren hebben. Je kunt deze scheuten vervolgens met wortels en al in een nieuwe pot zetten. Zorg dat de aarde in de pot lichtvochtig is. Vermijd fel zonlicht in de eerste weken! 

#3: stekken die aan een plant groeien met een navelstreng 

Enigszins vergelijkbaar met de jonge scheuten die je rond een moederplant vindt, zijn stekken die groeien aan een soort navelstreng. Het verschil met de jonge scheuten zit in het feit, dat de jonge scheuten onder de grond verbonden zijn met hun moederplant. De navelstreng loopt boven de grond. Een bekend voorbeeld van een plant waarbij dit voorkomt is de aardbeiplant. Vanuit de moederplant lopen er vaak meerdere navelstrengen naar stekken. Je kunt de navelstreng doorknippen en de stek verpoten. Een stekje heeft vaak al meerdere wortels. Graaf de stek om deze reden ruim uit, zodat de wortelstructuur niet beschadigd raakt. 

#4: kopstekken van een plant 

Geven jouw kamerplanten geen jonge scheuten af? In dat geval kun je kiezen voor kopstekken. Bij kopstekken knip of snijd je een lange stengel van de plant af, waaraan tenminste twee of drie bladeren zitten. Dit is enigszins afhankelijk van het type plant wat je wilt kopstekken. Je kunt het takje vervolgens in een glas met water laten hangen. Zorg dat alleen het uiteinde van het takje in het water staat. Je doet dit door het takje tussen twee satéprikkers te klemmen. Aan beide uiteindes van de satéprikker bind je een elastiekje, om te voorkomen dat ze weg kunnen rollen. Zodra er wortels aan het takje groeien kun je deze in een potje met aarde zetten. Houd de aarde lichtvochtig gedurende de eerste weken en voorkom dat de plant direct in fel zonlicht komt te staan.